Meer succes bij de zoektocht naar krediet

Op 22 juli verscheen in de NRC een bericht naar aanleiding van het verschijnen van de Financieringsmonitor van Panteia. De kern van de boodschap was dat bedrijven succesvoller zijn in het aantrekken van leningen dan ze een jaar geleden waren (78% van de aanvragen werden gehonoreerd, tegenover 62% in het afgelopen jaar). Op zich lijkt dat een positief bericht.

Er bleven echter een aantal belangrijke ontwikkelingen onvermeld in het genoemde artikel die opvallend zijn: 

  1. Het aantal ondernemingen dat überhaupt naar krediet zoekt neemt af. Veel bedrijven geven aan geen behoefte te hebben. De daling zit vooral in een dalende behoefte aan werkkapitaal, terwijl er wel voor het eerst sinds 2011 weer een toenemende behoefte is aan investeringskrediet. Dat weerspiegelt toenemend vertrouwen van ondernemers in de toekomst.
  2. Er is een schrijnend verschil tussen het succes dat kleine ondernemingen hebben bij hun financieringsaanvragen ten opzichte van grote ondernemingen. 97% van de grote ondernemingen was succesvol in het invullen van hun financieringsbehoefte. Dat gold slechts voor 57% van het kleinbedrijf.
  3. De rol van de huisbank als primaire financieringsbron daalt in een jaar van 74% naar 44%. Ondernemers zoeken steeds vaker naar alternatieve financieringsbronnen. Daarbij moet wel beseft worden dat die alternatieve financieringsbronnen vaak aanzienlijk duurder zijn dan de bancaire rente. De eventuele voordelen van de lage rente liggen steeds minder binnen het bereik van kleine ondernemingen.

Met name kleinere ondernemers moeten dus steeds creatiever worden in het aantrekken van financieringen. Dat betekent dat ze zijn aangewezen op alternatieve bronnen zoals onderhandse leningen, crowd sourcing en investeerders. Toch zouden ondernemers zich ook moeten afvragen waarom ze zoveel lager scoren bij banken dan grotere ondernemingen. Het algemene antwoord is dat het risicoprofiel van kleine ondernemingen ongunstiger is dan van grotere. Maar ook daarvan geldt dat er een aantal belangrijke reden voor zijn aan te geven die de kleine ondernemer wel degelijk zelf kan beïnvloeden:

  1. Grotere ondernemingen zijn vaak professioneler in hun strategievorming en business planning. Kleine ondernemers zouden er goed aan doen daarin ook te professionaliseren. Niet alleen banken, maar ook alternatieve financiers waarderen een heldere koers met een planmatige aanpak.
  2. Grotere ondernemingen zijn in het algemeen minder dagelijks afhankelijk van de persoonlijke inbreng van de ondernemer/directeur dan kleine ondernemingen. Ook hierbij geldt dat het voor kleine ondernemers belangrijk is om na te denken over de zelfstandigheid van hun organisatie. Maar al te vaak vormt de persoonlijke afhankelijkheid van de ondernemer de belangrijkste belemmering voor groei. Zorg dus ruim op tijd voor de ontwikkeling van voldoende talent binnen je organisatie om zelf zoveel mogelijk overbodig te worden voor de dagelijkse operatie. Het verbetert de kwaliteit van leven én het vergroot de groeikansen van de onderneming.