Meester, gezel, leerling als leermodel

Het model 'Meester-Gezel-Leering' is gevaseerd op de methodiek dat de leerling meeloopt met de 'meester' en zich gaandeweg door afkijken, oefenen, meelopen, overnemen de beroepshandelingen eigen maakt. De Leerling wordt Gezel en mag zich na vele jaren Meester noemen. Voorbeelden kennen we bij beroepen, zoals bijvoorbeeld vioolbouwer, klokkengieter of glasblazer waarbij het vak in de werkkring pas echt geleerd wordt. 

Leermodel

Het model 'Meester-Gezel-Leerling' laat zich samenvatten in de volgende punten

  • Leren gebeurt door 'erkende perifere deelname': de lerende is in een assistentenrol betrokken bij echte werkprojecten.
  • Leren is identiteitsvorming: de lerende wordt gesocialiseerd als een lid van de 'gemeenschap van vakmensen'.
  • Leren vindt plaatst in de informele contacten met de medenieuwkomers em met vertegenwoordigers van de 'gemeenschap van vakmensen', waarin door middel van verhalen en interacties de gemeenschappelijke kennis wordt gedeeld.
  • Het leerproces wordt gestructureerd in relatie tot het werkproces; verschuivingen van randactiviteiten naar kernactiviteiten. Vaak is het zo dat de nieuwkomer eerst taken uitvoert in de eindfase van de productie en daardoor vertrouwd raakt met de gehanteerde kwaliteitscriteria. Later wordt hij/zij ook bij eerdere stadia van de productie betrokken.
  • Ontbreken van expliciete instructie: ervaringsoverdracht vindt indirect plaats door voorbeeld, opdrachten en het gebruik van evaluatiecriteria.

Inbedding in moderne organisaties

Dit model is toepasbaar in iedere organisatievorm. In een traditionele gilde zijn de hiërarchische lijnen gelijk aan het leermodel, maar in veel organisaties kan beter gekeken worden naar de hiërarchie van meesterschap als losstaande inrichting. 

Beginnende medewerkers zijn de gezellen die het vak uitproberen. Zij worden zich gewaar van gezellen en wellicht van de meester in hun midden. Zodra de gezel de meester begint te accepteren, of sterker nog de meester vraagt zijn leraar te zijn, ontstaat de gezel door acceptatie van de meester. Het is wederom de meester die uiteindelijk bepaalt dat de gezel meester is geworden.

Bedenk maar eens in je eigen organisatie wie de meesters zijn, misschien wel jezelf, wie de gezellen zijn en wie  niet. Overgave en acceptatie is hierbij de sleutel. Wellicht een idee om hier stappen in te zetten en dit leermodel op deze wijze in te richten.